Zoef van De Achterste Hoef

Zoef van De Achterste Hoef

Zoef van De Achterste Hoef

In 2015 is er een hele lieve vos bij Recreatiepark De Achterste Hoef komen wonen. Hij heet Zoef! Zijn jullie benieuwd naar zijn levensverhaal? Lees het hieronder.

Nieuws - Zoef Nieuws - Zoef Nieuws - Zoef

Het verhaal van Zoef

’s Ochtends vroeg wanneer de zon opkomt en de vogels fluiten klinkt er geritsel in het bos van de Achterste Hoef. Welk dier zich daar schuil houdt weet niemand. Zo heel af en toe laat hij zich zien maar dichterbij komen durft hij niet. Het gerucht gaat dat hij een kleine staart heeft en felblauwe ogen. En wanneer iemand hem ziet dan zoeft hij vliegensvlug weer naar zijn holletje. Wat is dat toch?

Op een koude winterdag loop ik over het park. Behalve het parkteam van de Achterste Hoef zijn er nauwelijks mensen te bekennen. De maand april wanneer de camping weer opengaat is nog ver weg en het heeft vandaag flink gesneeuwd. Het hele bos is wit! Met mijn fototoestel sta ik paraat om ook vandaag weer mooie foto’s te maken. In de sneeuw zag ik wat pootafdrukken van vogeltjes en toen ik een stukje verder het bos in liep zag ik nog meer pootafdrukken. Hé, wat gek! Dat zijn wel héle grote pootafdrukken. Wat raar, alle dieren zijn toch in winterslaap? Ik buk voorover om van dichtbij een foto te kunnen maken, die kan ik mooi bij mijn foto verzameling stoppen! Net als ik op mijn knieën zit hoor ik een zoevend geluid achter mij. Ik kijk achterom en zie nog net hoe een grote gedaante zich verstopt achter de bomen. Helaas net te laat…

Thuis aangekomen bekijk ik mijn foto nog eens. Hoe lang ik ook zoek op internet en in mijn boeken, ik kom er niet uit. Van wie is toch die pootafdruk?

De volgende ochtend besluit ik om nog eens een kijkje te nemen in het bos. Met mijn warme jas aan, sjaal om en muts op sluip ik voorzichtig naar buiten. Nu maar hopen dat papa en mama niets gehoord hebben. Mijn fototoestel zit stevig onder mijn arm geklemd. Stiekem vind ik het toch best spannend! Wat nou als het dier heel eng is? Dan ga ik héél hard gillen, dan horen ze me vast bij de receptie…

Wanneer ik weer aankom bij het bos ben ik de pootafdrukken gaan volgen. Ik kwam midden in het bos uit, hier hield het spoor op. Er was geen dier te zien. Ik keek achter bomen en onder struiken maar ik zag niks. Heel vreemd! Ik moest weten wat er aan de hand was. Ik liep weer terug naar het begin en keek goed rond of ik iets zag. Helemaal niks. Na een uur lang te hebben gezocht moet ik echt naar huis. Stel je voor dat papa en mama zien dat ik niet in bed lig. Jammer! Morgen probeer ik het nog eens...

Zo gezegd zo gedaan. Voordat het winterzonnetje doorbrak de volgende dag en ik me warm had aangekleed liep ik weer over het park naar het bos. Het was niet zo heel moeilijk om de pootafdrukken weer terug te vinden. Het waren dezelfde pootafdrukken maar het spoor liep de andere kant op.

Ik heb het spoor gevolgd en ondertussen goed rondgekeken of ik iets zag. En ineens tussen de bomen zag ik daar dé staart waar iedereen het over had. Met trillende handen haal ik mijn fototoestel tevoorschijn. Heel zachtjes sluip ik richting het roodachtige dier. Klik.. Daar is de eerste foto. Vol spanning bekijk ik het resultaat, wauw wat gaaf! Ik heb het geheimzinnige dier op de foto! Wat zal iedereen trots op mij zijn. Ik kijk nog eens op maar zie geen staart meer. Snel berg ik mijn fototoestel op en wil verder lopen maar dan opeens..... voel ik een hele zachte hand op mijn hoofd... Iek wat eng! Wat is dat... Ik kijk om en zie een heel groot beest achter me staan. Van schrik kan ik geen woord uitbrengen. Een vos WAUW! Maar wat doet die vos hier in het bos. Die moet wel verdwaald zijn, dacht ik.

De vos keek me aan met zijn zielige vossenogen. Hij was blij me te zien. Ik stamelde nog wat... ik kon mijn ogen niet geloven. Dat beest wat elke keer weg zoefde staat nu gewoon recht voor me. Ik voel aan zijn vacht. Jeetje wat een zacht beest. Ik vraag de vos wat hij hier doet? Hij vertelt me dat hij de weg is kwijt geraakt. Oh nee toch en nu? Ik vertel hem dat hij zijn pootafdruk moet volgen. Wanneer hij dat doet dan vindt hij zijn huisje van zelf. Hij begrijpt er niets van... Weet je dan niet wat een pootafdruk is, vraag ik? Hij schudt zijn hoofd. Oh ja dan wordt het moeilijk. Even denken of ik je dat kan uitleggen... Natuurlijk, de pootafdruk staat op mijn fototoestel. Net als ik hem wil pakken uit mijn tas zoeft de vos weg.
Ik baal ervan want ik wil hem graag helpen. Teleurgesteld loop ik weer richting het begin van het bos.

Na een paar minuten wandelen kom ik de roodachtige vos weer tegen. Hé! Wat doe jij hier vraag ik hem. En dan begrijp ik het. Hij wijst naar alle pootafdrukken en mijn voetstappen en schudt zijn kop. Ohh, hij weet gewoon niet welke voetstappen hij moet volgen. Ik vertel hem dat hij zijn eigen poot afdruk moet volgen en laat zijn afdruk zien in de sneeuw.
Hij kijkt me zo lief aan, maar ik geloof niet dat hij me begrijpt. Ik denk diep na… Wacht ik heb een idee. We lopen naar de Kidsclub. Zoef, en weg is hij.... Wacht op mij! Roep ik hem na.
We lopen samen stiekem naar de Kidsclub en ik pak daar een verfpot. Ik moet toch ook wel erg om hem lachen. Net als ik zijn pootafdruk op zijn shirt wil verven zoeft hij alweer weg. Ik roep: Zoef toch niet elke keer zo snel weg! De vos draait zich om wanneer hij ZOEF hoort. En dan heb ik een idee. De vos zit verschuilt achter de knutselkast. Heel zachtjes roep ik ‘Zoef…. Zoef… kom je?’ Ik ga je helpen hoor.. En ja hoor, daar komt hij tevoorschijn. Ik pak hem bij zijn zachte pootje vast en draai hem met zijn rug naar mij toe. IJverig begin ik te schilderen op de achterkant van zijn shirt. Vlug maak ik een foto van het resultaat en laat het zien aan de vos. Hij springt en juicht van blijdschap, vanaf nu heeft de vos een naam. ZOEF van De Achterste Hoef!

Ik kijk op mijn horloge en merk dat het al laat is. Zoef, ik loop met je mee en je gaat snel je pootafdrukken volgen. Dan kom je nog voor dat de zon onder gaat thuis en ik ga ook naar huis. Tot de volgende keer. We geven elkaar een knuffel en ik zwaai Zoef nog een keer uit.

De dag erop ben ik foto’s aan het maken bij het meer. Hé, wat zie ik daar weg zoeven? Het lijkt Zoef wel. Zou hij zijn huisje al gevonden hebben? Zou hij zijn papa en mama al gevonden hebben? Zal ik naar Zoef gaan om te kijken hoe het met hem gaat? Voor dat ik het bedacht heb staat Zoef al voor mijn neus. Ha Zoef, wat is er aan de hand?

Zoef vertelt mij dat hij zijn huisje niet heeft kunnen vinden. Hij loopt al heel lang door het bos te zoeken. Hij lijkt ten einde raad. Dan krijg ik een idee: Zoef, zou je het leuk vinden om hier te blijven? Zoef kijkt heel verdrietig. Oh sorry vind je dat niet leuk dan? Zoef vertelt me dat hij zijn huisje dan zo mist. Dat begrijp ik Zoef, alleen waar is je huisje dan? Hij kijkt me aan en schudt nog een keer met zijn kop. Jeetje Zoef wat erg! Zoef, maar als we hier nou een nieuw huisje voor je kunnen bouwen dan ben je nooit meer alleen? Zoef krijgt een glimlach op zijn gezicht. Ik ga het gelijk vragen op de camping of dat mag.

De campingmeneer en mevrouw die vonden het wel goed. We zijn gelijk naar de winkel gegaan om even fijne schoenen te halen en een stoere pet. Nu hopen maar dat jullie het ook goed vinden wanneer Zoef op de camping blijft...

Even geduld alstublieftEven geduld alstublieft